groeit in ondiep water en vochtige bodems. Bies is herkenbaar aan zijn lange
ronde stengels. De stengels zijn lichtgrijs tot groen en redelijke zacht.
De hoogte varieert van 30 cm tot wel 4 meter. Bij veel soorten is de stengel
het duidelijkst aanwezig en vaak met alleen smalle, nauwelijks ontwikkelde
bladeren aan de basis van de plant. De bladeren zijn slank en V-vormig.
Bies heeft een pluim bestaande uit 3 of meer aren. De kleine bloemen
verschijnen in aren net onder de top van de stengels en lijken op oranje-
bruine schubben.
De plant verspreidt zich door middel van stevige wortelstokken en lange,
dikke, bruine ondergrondse stengels waarbij op de knopen een nieuwe
plant ontstaat.
De binnenkant van elke stengel bestaat uit sponsachtig materiaal met
luchtcellen. Het mergachtige binnenkant maakt dat bies een bruikbaar
materiaal is. Hierdoor is het flexibel en een slechte geleider van warmte.
Door het laatste is bies goed te gebruiken als isolatiemateriaal, omdat het de lichaams-warmte nauwelijks opneemt.
Toepassingen
Bies kan voor verschillende doeleinden worden gebruikt, zoals voor het maken van touw, onderkomens, manden, boten of
kano’s, lokvogels. Repen bies kunnen tot een cape, schoenen of beenbeschermers worden gevlochten, zodat dit bescherming
biedt tegen het weer. Bies lijkt wat betreft eetbaarheid op de lisdodde, maar smaakt zoeter.
De in de lente opkomende scheuten kunnen rauw of gekookt worden gegeten. Het stuifmeel kan als bloem worden gebruikt bij
het maken van brood, pap of pannenkoeken. Later in het seizoen kunnen de zaden worden verzameld door ze van de plant af te
slaan en op te vangen in manden. Daarna kunnen ze tot meel worden gemalen. Hetzelfde geldt voor de ondergrondse stengels.
Door ze te drogen kunnen ze tot meel worden gemalen, maar ze kunnen ook rauw of gekookt worden gegeten.



