Wilde cichorei (Cichorium intybus) is een overblijvende plant en wordt
30 tot 120 cm hoog. De rechtopstaande, gegroefde en dofgroen gekleurde
stengel is vertakt en vaak ruw behaard. Het blad is diep gelobd met een
golvende, getande rand. De stengelbladeren zijn minder ingesneden.
De bladeren zijn aan de onderkant borstelig behaard.
De helderblauwe bloemhoofdjes groeien in kleine bijschermen in de
bovenste bladoksels. De bloeiperiode loopt van juli tot augustus.
De wilde cichorei groeit op zonnige plaatsen op matig droge tot vochtige
grond en is te vinden in weilanden, uiterwaarden, rivierdijken, ruige grazige
begroeiingen en langs akkers.
Toepassingen
De bladeren en de kroon aan de worteltop moeten al vroeg in het voorjaar geplukt worden, want ze worden heel snel bitter.
De jonge bladeren kunnen worden gekookt als groente of versnipperd worden toegevoegd aan salades. Door de bladeren te
blancheren wordt de bittere smaak minder. Bloemen kunnen aan salades worden toegevoegd, Jonge wortels kunnen als
groente worden gekookt of gedroogd, geroosterd en gemalen en gebruikt als vervanging voor koffie. De wortels worden
gebruikt om o.a. soepen te kruiden. Van de wortels kan siroop worden gemaakt.



